23 december 2019
Zorgplicht bij het gebruik van kunstgrasvelden – verontreiniging door rubberkorrels

Sinds 2016 is er onrust over de rubberkorrels die worden gebruikt bij kunstgrasvelden. Het gaat om rubberkorrels, ook wel rubbergranulaat, gemaakt van recyclede autobanden. Niet het gebruik van de rubberkorrels op de kunstgrasvelden zelf is het probleem, maar het verspreiden van de rubberkorrels in de omgeving van de kunstgrasvelden. Het verspreiden gebeurt doordat de rubberkorrels blijven kleven aan kleding en schoenen of bijvoorbeeld door het gebruik van een bladblazer voor het onderhoud van een kunstgrasveld; normaal gebruik dus. Tevens kunnen de rubberkorrels een probleem vormen wanneer zij zich ophopen in de technische onderlaag van het kunstgrasveld. Van daaruit kunnen de rubberkorrels zich ook verspreiden.

Volgens het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (hierna: “RIVM“) en Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer (hierna: “STOWA“) zijn de rubberkorrels een probleem doordat ze in de bermgrond belanden en omdat er schadelijke stoffen uit de rubberkorrels weglekken. Deze stoffen komen terecht in drainagewater en vervolgens in de sloot waar ze zich binden aan bagger op de slootbodem. Het gevolg hiervan is dat de concentraties zink, kobalt en minerale olie op diverse plekken rondom kunstgrasvelden de normen uit het Besluit Bodemkwaliteit overschrijden. Dit is schadelijk voor het milieu aangezien het de biodiversiteit aantast.

De milieuorganisatie Recycling Netwerk deed in september 2017 aangifte tegen zowel de leveranciers van de rubberkorrels als de gebruikers daarvan zoals gemeenten en sportbedrijven. Recycling Netwerk stelde dat er sprake was van een milieudelict. Het Openbaar Ministerie is vervolgens in juni 2018 een onderzoek gestart naar de vermoedelijke milieuverontreiniging. Dit leidde tot de strafrechtelijke vervolging van de beheerder van een sportpark met daarop twee kunstgrasvelden in Enschede aangezien hij zich opzettelijk schuldig zou hebben gemaakt aan milieuverontreiniging (art. 13 Wet Bodembescherming (hierna: “Wbb“).

De strafrechter in Rotterdam heeft geoordeeld dat het enkele feit dat de rubberkorrels buiten het kunstgrasveld op de grond liggen of hebben gelegen, verontreiniging van de bodem oplevert. Op grond van art. 13 Wbb geldt er een dubbele zorgplicht die inhoud dat voorkomen moet worden dat er verontreiniging plaatsvindt en dat wanneer er sprake is van verontreiniging de gevolgen daarvan dienen te worden beperkt of ongedaan gemaakt. Of aan de zorgplicht is voldaan hangt af van de omstandigheden van het geval.

De beheerder was op de hoogte van de zorgplicht omdat hij daar eerder op gewezen was door de milieudienst. Toen is ook gewezen op de brancherichtlijn aan de hand waarvan de zorgplicht kan worden ingevuld. De vereniging Vereniging VACO heeft die brancherichtlijn in 2014 opgesteld. Daarin wordt onder andere genoemd dat langs het kunstgrasveld kantplanken moeten worden geplaatst, uitloopmatten moeten worden gebruikt en dat er regelmatig dient te worden geveegd rondom het kunstgrasveld. Zodoende kan voorkomen worden dat er rubberkorrels buiten het kunstgrasveld geraken (verontreiniging) én gehandeld worden wanneer dit wel gebeurt. Ondanks de eerder mededeling heeft de beheerder niet tijdig alle maatregelen getroffen die redelijkerwijs van hem konden worden gevergd. De beheerder is veroordeeld tot betaling van een geldboete van € 10.000,-.

Door de onderzoeken, aangifte en de uitspraak is er onrust ontstaan bij gemeenten en sportbedrijven die gebruik maken van de rubberkorrels. Recycling Netwerk heeft namelijk niet alleen een aangifte gedaan tegen de beheerder in Enschede. Het gaat om een groter geheel, aldus het Openbaar Ministerie. Welke partijen allemaal worden vervolgd is (nog) niet bekend.

Wat betekent dit voor u? De rechtbank heeft geoordeeld dat de beheerder van het kunstgrasveld is tekortgeschoten in zijn zorgplicht. Het correct naleven van de voor u geldende zorgplicht is van groot belang. Het lastige is dat vooraf geen algemene uitspraken kunnen worden gedaan over het wel of niet voldoen aan de zorgplicht. Het voldoen aan de zorgplicht is namelijk afhankelijk van de specifieke omstandigheden van het geval. Wij raden aan om beleid op te stellen waarmee de zorgplicht wordt ingevuld.

De brancherichtlijn kan worden gebruikt bij het opstellen van beleid. Uit het vonnis van de rechtbank blijkt dat, naast hetgeen hiervoor beschreven, onder andere dat het tijdstip waarop maatregelen ter voorkoming of ongedaanmaking van de verontreiniging worden getroffen van belang is. Dit kan zodoende worden opgenomen in jullie beleid. Wanneer u beleid wil opstellen ter invulling van de zorgplicht, kijken wij graag met u mee.

Wij houden u graag op de hoogte van deze kwestie.

Contactinformatie
Björn de Smit, Advocaat Aanbestedingen, Bouw en Contracten
E-mail: desmit@marxman.nl / Telefoonnummer: 033 450 8000

Werner Altenaar, advocaat bestuursrecht, sectie Vastgoed & Overheid
E-mail: altenaar@marxman.nl / Telefoonnummer; 033 450 8000

Jasminke Meester, Juridisch medewerker Aanbestedingen, Bouw en Contracten
E-mail: meester@marxman.nl / Telefoonnummer: 033 450 8000