10 juli 2019
Schadevergoeding op grond van de AVG

Op dinsdag 28 mei 2019 deed de rechtbank Overijssel een uitspraak die bij enkelen het hart iets sneller liet kloppen. Op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) werd de gemeente Deventer veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding wegens het schenden van de privacy van de betrokken persoon. Dit is bijzonder, aangezien het de eerste keer is dat zo’n schadevergoeding wordt toegekend sinds de invoering van de AVG in 2018.

Artikel 82 AVG schrijft voor dat eenieder die materiële of immateriële schade heeft geleden ten gevolge van een inbreuk op deze verordening, het recht heeft om van de verwerkingsverantwoordelijken of de verwerker schadevergoeding te ontvangen voor de geleden schade. Op het moment dat een onderneming of publiekrechtelijke instantie in strijd met de AVG handelt waardoor iemand schade lijdt, is deze verwerkingsverantwoordelijke of verwerker aansprakelijk voor de geleden schade.

Feiten en omstandigheden
Wat was er dan aan de hand in bovenstaande casus? De betrokken persoon had in 2017 twee Wob-verzoeken ingediend bij de gemeente Deventer. In zo’n verzoek vraagt men meestal aan een overheidsinstantie om bepaalde informatie te delen. De gemeente had zijn naam, geslacht, adres en wijze van afhandeling van de verzoeken naar andere gemeentes gestuurd om te delen hoe ze omgingen met verzoeken als deze. Hier kwam de betrokkene achter, waarna hij om een inzage in de verwerking van zijn persoonsgegevens vroeg. Dit kreeg hij, echter zonder de details betreffende het doorsturen van zijn gegevens. De betrokkene maakte hiertegen bezwaar bij de gemeente Deventer, die dit bezwaar vervolgens ongegrond verklaarde. In reactie hierop stelde de betrokkene beroep in bij de rechtbank die het besluit van de gemeente in 2018 vernietigde, aangezien de andere gemeentes geïnformeerd hadden kunnen worden zonder vermelding van de persoonsgegevens van de betrokkene. Tevens had beter onderzocht moeten worden of de persoonsgegevens vaker automatisch verwerkt zijn in de mailboxen van de gemeente.

Schadevergoeding
De betrokkene eiste vervolgens een schadevergoeding bij de bestuursrechter op grond van artikel 82 AVG. Over deze eis heeft de rechtbank Overijssel uitspraak gedaan. De rechtbank heeft gesteld dat zoveel mogelijk aansluiting moet worden gezocht bij het civielrechtelijke schadevergoedingsstelsel, omdat niet blijkt dat de toepassing van het Nederlands rechtsbestel geen of onvoldoende recht kan doen aan artikel 82 AVG. Dit stelsel bepaalt dat voor nadeel dat niet uit vermogensschade (geld) bestaat, de benadeelde recht heeft op een naar billijkheid vast te stellen schadevergoeding indien hij in zijn eer of goede naam is geschaad of op andere wijze in zijn persoon is aangetast. De rechtbank heeft op grond daarvan geoordeeld dat eiser in zijn persoon is aangetast wegens verlies van controle over zijn persoonsgegevens en achtte een schadevergoeding van € 500,- billijk. Bij de bepaling van de hoogte van de schadevergoeding woog de rechtbank mee dat in het onrechtmatige besluit geen rechtvaardiging werd gegeven voor de verwerking van de persoonsgegevens.

Hoe nu verder?
Zal iedereen die door een onrechtmatig besluit de controle over zijn persoonsgegevens verliest in de toekomst recht hebben op een schadevergoeding? Na een eerste uitspraak is dat lastig te zeggen en zo’n vaart zal het waarschijnlijk niet lopen. De gemeente kan nog in hoger beroep tegen de uitspraak van de bestuursrechter van 28 mei 2019. Daarnaast legde de bestuursrechter tijdens de recente zaak al argumenten van de gemeente naast zich neer, die veel beter na de uitspraak in 2018 ingebracht hadden kunnen worden.

Als de gemeente vorig jaar in hoger beroep was gegaan tegen de uitspraak van de rechtbank had de uitkomst  van deze zaak heel anders kunnen zijn. In het verweerschrift heeft de gemeente namelijk gesteld dat met het verzenden van de e-mails niet is beoogd om eiser te benadelen. Verder zijn de ambtenaren die deze mail hebben ontvangen enkel geïnformeerd over het feit dat er door de betrokkene twee Wob-verzoeken waren ingediend bij de gemeente Deventer. Van enig oogmerk, gericht op benadeling van de betrokkene was dan ook geen sprake. Als de gemeente deze verweren had ingebracht in een hoger beroep op de uitspraak van 18 juli 2018, had de rechtbank hier zomaar een gerechtvaardigd belang in kunnen zien dat de verwerking van de persoonsgegevens had kunnen rechtvaardigen. In plaats van de toekenning van    € 500,- schadevergoeding, had de rechtbank het beroep van de betrokkene misschien wel ongegrond verklaard. Dit is echter niet gebeurd en hoe het nu verder gaat is aldus onduidelijk.

Voor ondernemingen en publieke instanties is en blijft het nog altijd van groot belang om goed na te gaan en vast te stellen over hoe men omgaat met de opslag en verwerking van persoonsgegevens. Wij helpen u hier graag bij. Voor meer informatie kunt u vrijblijvend contact met ons opnemen.

Contactinformatie
Tahir Bodha, advocaat sectie Intellectueel Eigendom, Privacy & Dataprotectie en ICT & Technologie
bodha@marxman.nl / telefoonnummer 033-450 8000